Jannetje, ged. Koedijk 6 okt. 1668.
Jan, ged. Koedijk 19 jan. 1670.
Jan Hendriksz HARTLAND, ged.1 maart 1673, schepen (1700-1734) en weesmeester (1738-1739) begr. 24 jan.1741 Wife:Maartje Ariens STAMMIS (Married: Koedijk 16 okt. 1695) ged. 3 nov. 1675,begr.19 maart 1721 dr van Adriaen Reijersz STAMMIS en Bregje JANS Uit dit huwelijk: 1. Jantje Jans, ged. Koedijk 2 dec. 1696. 2. Arien Jansz, ged. Koedijk 6 juli 1698, . 3. Trijntje Jans, ged. Koedijk 14 okt. 1703, begr. 16 maart 1720 4. Hendrik Jansz, ged. Koedijk 1 jan. 1708, . 5. Pieter Jansz, ged. Koedijk 1 sept. 1709, . 6. Bregtje Jans, begr. Koedijk 24 maart 1742 (Married:15 febr.1733) Husband: Jan Cornelisz SCHUIJTEMAKER, alias Schuijtemaker, ged. 5 sept. 1715, begr. Koedijk 30 jan. 1742 (impost '83 3), zn van Willem Cornelisz BRUIJNEMAN, alias Schuijtemaker, en Anna JANS. 7. Maartje Jans, ged. (nederd. geref.) Koedijk 24 sept. 1713, impost op begr. ald. 6 juli 1714 (impost '83 3). In Koedijk wordt in 1683 door Jan Jansen Appetijt en Cornelis Cornelis Broers als voogden over Jan Hendrickx, kind van zal. Hendrick Theeus Hertlant en Jannetje Jans, in presentie van Jan Gerrets Lantheer als naaste bloedverwant, de aanbreng van het kind beschreven. Deze aanbreng bestaat uit het volgende. Een huis en erf op de Molenbuurt, belend ten zuiden Jan Jansz Appetijt, ten noorden de weduwe en de zoon van Pieter Theeus Hertlant, met 21 snees zaadland en een boomgaardje achter het huis, belend ten oosten de erven van heer Claes Heerman met de Molenweid, ten westen de Achtergraft; 6 geers genaamd de Cleymeersweid bezuiden en aan de Kleimeer, belend ten oosten Sijmen Joosten, ten westen Jan Grotewal, ten noorden de Ringsloot; 5'bd geers genaamd (K)innemansweidje in de banne van Broek beoosten de Zomersloot, belend ten noorden de Meyersloot, ten zuiden Jan Prinsen als bruiker, ten westen de Zomersloot; 7 geers land in de Daalmeer, belend ten noorden Jacob Tijsen, ten zuiden Arent Jonckers kind c.s.; 1 geers rietland in de Noorder Kleimeer gemeen met Dirck Jansen Noom en de kinderen van Pieter Cornelis Calis, belend ten oosten Pieter Jansen Brelants erven, ten westen Pieter Gleynis c.s., ten zuiden de Cruyssloot; geld berust onder Maertjen Cornelisdr, de weduwe van Pieter Theeus. In Koedijk is in 1698 Jan Hendrickz Hartland 850 gld schuldig aan de kinderen en erfgenamen van Ds Johannes Kuijff, in zijn leven predikant te Tricht, en zijn vrouw Catharina Sevenhuijsen, wegens koop van 4 morgen land achter Huiswaard, zijnde verkocht Vroonland (doorgehaald op 12 september 1698). In Koedijk verkoopt in 1696 Jan Hendricksz Hartlandt aan Cornelis Broersz een akker zaadland achter comparants huis, groot omtrent 22 snees, belend ten noorden de Achtergracht, ten oosten de vrouw van Zuijtwijck, voor 625 gld, verkopen de kinderen en erfgenamen van Ds Johannes Kuijff, in zijn leven predikant te Tricht, en zijn vrouw Catharina Sevenhuijsen, aan Jan Hendricksz Hartland 2 stukken land, zijnde verkocht grafelijkheids vroonland gelegen achter Huiswaard, groot omtrent 4 morgen, voor een schuldbekentenis van 1850 gld (doorgehaald op 12 september 1698), verkoopt in 1699 Jan Hendricksz Hartlandt aan Dirck Ariensz een schapentuintje groot omtrent 7 snees op 't Noorteijnde, belend ten westen de grafelijkheid, ten oosten de kinderen van Guiert Sijmonts, voor 210 gld, verkoopt in 1699 Jan Hendricksz Hartlant aan Hendrick Pietersz Schipper een akker zaadland van 6 snees in 't Harpedel, belend ten zuiden Gerrit Poulusz, ten noorden Cornelis Hoogwater, voor 128 gld, verkoopt in 1700 Pieter Gleijnis aan Hendrikc Levendigh en Jan Hartland ruim 2 geerzen in 7 geerzen 7 snees land op de banscheiding van Oudkarspel, genaamd de Hogeweijd ofte Kirre, waarvan de wederhelft of andere partij ligt onder de heerlijkheid van Pudkarspel, belend ten zuiden de ringsloot van de Cleijmeer, ten westen de gemeene Vaert, voor 300 gld, verkoopt in 1701 Jan Hendriksz Hartlandt aan Jan Jacobsz Verwer en Jacob Jansz Verwer een stuk weiland groot omtrent 6 geerzen, belend ten noorden de ringsloot van de Zuijder Cleijmeer, ten zuiden het armenland van Koedijk, ten oosten Simon Joosten, voor 1500 gld, en verkopen in 1702 Hendrick Levendigh en Jan Hartland, als actie en transport hebbende van 't volgende land, en Cornelis Broersz als last hebbende van Maritie Bouwents, weduwe en boedelhoudster van Pieter Lourisz alias Pieter Gleijnis, aan Dirck Jansz Noom omtrent ruim 2 geerzen gemeen en onverdeeld in een stuk weiland op de banscheiding van Koedijk en Oudkarspel genaamd de Kirreweijd, groot in 't geheel 7 geerzen 19 roeden 6 voeten, belend ten zuiden de ringsloot, ten noorden de gemene Vaart, voor 507 gld In Oudkarspel verkoopt in 1699 Jan Hendriksz Hartlant wonende te Koedijk aan Maartje Pieters weduwe van IJff Pietersz Schotvanger mede te Koedijk een akker zaadland groot omtrent 16 snees, met 't Oosteinde aan de Diepsmeers ringsloot, belend ten noorden Cornelis Stammes, ten zuiden Cornelis en Jacob Stammis, voor '83 368:18:0, idem aan Aris Pietersz Rus aldaar een zesdepart in een stukje grasland in 't geheel omtrent 2 morgen bij de Vuijle Greb, belend ten oosten 't dorpsland van Oudkarspel, ten westen en zuiden de koper, gemeen en onderdeel met de koper en met Lambert Jansz Brommer en Jan IJfsz, idem aan Pieter Jansz Rus mede wonende op Koedijk een akker zaadland groot omtrent 10 snees in de Vuijle Greb, belend ten noorden Cornelis Jansz Nierop, ten zuiden Cornelis Stammes c.s., voor '83 254:0:0, verkoopt in 1700 Pieter Louwersz gezegd Pieter Gleijnsz wonende te Koedijk aan Hendrik Levendigh en Jan Hardtlandt mede wonende te Koedijk omtrent 16 geerzen grasland in een groter stuk met comparant gemeen, tussen de Dieps- en Kleijmeer, genaamd Ouwelant, belend ten zuiden de Kleijmeers ringsloot en 't overige van dit stuk, groot omtrent 2 geerzen land te strekken onder Koedijk alzo "'t hoogh van dit lant op en aan de banscheidingh van Koedijk is gelegen", en nog een stukje groot omtrent 4 geerzen aan de Diepsmeers ringsloot, belend ten oosten Gert Slommer, en verkopen in 1702 Hendrik Levendigh en Jan Hardtlant beiden wonende te Koedijk aan Dirk Jans Nooms mede wonende te Koedijk een gedeelte in een stuk grasland genaamd de Kirrweijdt, gelegen op de banscheiding van Oudkarspel en Koedijk, groot dit gedeelte ruim 4'bd gars, en 't gedeelte onder Koedijk ruim 2 geerzen, belend ten zuiden de Kleimeers ringsloot, ten noorden Cornelis Cromdel. In Koedijk verkoopt in 1700 Pieter Gleijnis aan Hendrick Levendigh en Jan Hartland ruim 2 geerzen in 7 geerzen 7 snees land op de banscheiding van Oudkarspel genaamd de Hogeweijd ofte Kirre, waarvan de wederhelft of andere partij ligt onder de heerlijkheid van Oudkarspel, belend ten zuiden de ringsloot van de Cleijmeer, ten westen de gemene Vaert, voor 300 gld, verkoopt in 1701 Jan Hendricksz Hartlandt aan Jan Jacobsz Verwer en Jacob Jansz Verwer een stuk weiland groot omtrent 6 geerzen, belend ten noorden de ringsloot van de Zuijder Cleijmeer, ten zuiden het armenland van Koedijk, ten oosten Simon Joosten, voor 1500 gld, verkopen in 1702 Hendrick Levendigh en Jan Hartland, als actie en transport hebbende van 't volgende land, en Cornelis Broersz als last hebbende van Maritie Bouwents weduwe en boedelhoudster van Pieter Lourisz alias Pieter Gleijnis, aan Dirck Jansz Noom omtrent ruim 2 geerzen gemeen en onverdeeld in een stuk weiland op de banscheiding van Koedijk en Oudkarspel genaamd de Kirreweijd, groot in 't geheel 7 geerzen 7 snees 19 roeden 6 voeten, belend ten zuiden de ringsloot, ten noorden de gemene Vaart, voor 507 gld, en verkoopt in 1710 Jan Hartland aan Dirck Claesz Kuijper te Alkmaar een stuk land groot omtrent 12 geerzen, belend ten noorden de grafelijkheid, ten westen de ringsloot van de Mare, ten zuiden Jan Siewertsz, voor 1630 gld. In 1701 bekent Cornelis Bouwentsz Cromdel wonende te Koedijk bij notarië'eble akte schuldig te wezen aan Hendrick Levendigh en Jan Hendricksz Hartlandt wonende mede aldaar 960 gld vanwege zekere beschadigde borgtocht van 800 gld met interest, door Levendigh en Hartlandt aangegaan voor comparants zwager Pieter Gleynis zal. ten behoeve van de notaris, volgens een obligatie dd. 13 juni 1699 voor notaris Gerrit Winder te Alkmaar. In Broek op Langedijk is in maart 1707 Jan Warmenhuijsen, schotvanger, eiser contra Jan Hendrixz Hartlant wonende te Koedijk, om betaling van 11 gld 15 st 12 penn achterstallige contributie der zeedijkskosten en 'raaxmaat' aangeslagen over 5 geerzen 1 snees 7 roeden land onder Broek wegens de jaren 1703 en 1704; de gedaagde is niet gecompareerd. In juli 1707 is de gedaagde in gebreke gebleven en is ter requisitie van Jr Alexander van Lantschot als dijkgraaf van Geestmerambacht een stuk weiland aan de Somersloot in arrest genomen, groot 5 geerzen 1 snees 7 roeden, belend ten westen de voorschreven sloot, ten oosten de Molweyd, ten noorden de Meyertssloot, toebehorende Jan Hendrixz Hartlant wonende te Koedijk. In Koedijk verkoopt in 1734 Jan Hartland, mede voor zijn zoon Arien Hartland, en Poulus Jacobsz Boldewyn, instaande voor Trijntie Gerrits Boldewijn, aan Jan Gerritsz Kleijburgh 2/3 in een huis en erf op het Zuideinde, belend ten zuiden Pieter Dirksz Mulder, ten noorden Pieter Cornelisz Kok, waarvan de koper reeds 1/3 bezit, belast met een erfpacht van 1 gld 15 st t.b.v. Mevr. Vijgh, voor 40 gld. In Koedijk verkoopt in 1742 Arie Hartland, mede voor Jannetje en Hendrik Hartland, gezamenlijke erfgenamen van Jan Cornelisz Schuijtemaker overleden te Koedijk, aan Symon Jacobsz een huis en erf geappropieerd tot een schuitenmakerij aan 't Noordeind, belend ten noorden Cornelis Nierop, ten zuiden Cornelis Dirksz, voor 150 gld. In Broek op Langedijk verkoopt in 1769 Hendrik Hartlant aan Pieter Aarjensz Hartlant 1/3 in een stuk weiland aan de Somersloot, groot in 't geheel 5 geerzen 1 snees 7 roeden, onderdeel met de erven Jan Hartlant, belend ten westen de Somersloot, ten noorden de Maijerssloot, voor 180 gld. In Koedijk is in 1681 Trijn Jans weduwe van Jacob Gerrets Rijplant, ook als moeder en voogdesse van haar kinderen, geassisteerd met Johannes Rijplant haar oudste zoon, 150 gld schuldig aan Maertjen Aerjens nagelaten weeskind van zal. Aerjen Reijers Stammis, tegen 4 percent, met als borgen Johannis Rijplant en Garbrant Levendigh. Voor de weeskamer van Koedijk compareren op 8 april 1678 IJff Reyers Stammes en Jan Willems Limmen als voogden over Maertjen Aerjens, kind van wijlen Aerjen Reyer Stammis en Bregt Jans; Cornelis Powels, gerechtsbode te Winkel, is 's kinds stiefvader. De aanbreng bestaat onder meer uit 16 snees zaadland genaamd Cornelis van Veens acker tussen de Snijders- en Saskersloot, belend ten zuiden de weduwe en kinderen van Jan Cornelisz Stammis met de Taemseweid, ten noorden IJff Pieters c.s. Op 2 februari 1684 worden o.a. obligaties opgegegeven ten laste van Jan Jansz Breelant en de weduwe en kinderen van Jacob Gerretsz Rijplant, en wordt het moederlijke erfdeel ingebracht, bestaande uit 1 gars in een weiland genaamd 't Hardelant onder Oudkarspel belend aan weerszijden door Aris Pietersz Rus en gemeen met Aris Pieters, 6 snees zaadland in 't Harpedel belend ten zuiden Pieter Jan Wouters en ten noorden de erven van Claes Aengaende, 2 snees zaadland in 't Del aan de huizen belend aan weerszijden door de erven van Jan Breelant, 5 snees zijnde 1/8 in het oostelijke deel van de Heylegedaechsweid, belend ten oosten 't Lamgars, ten westen Maerten Pieters, ten noorden de Cortsloot. Op 11 juni 1692 compareren Jan Willems Limmen en Jan Jansz Groot i.p.v. zijn schoonvader, als voogden, in presentie van Dirck Arjens als bloedverwant; het betreft de goederen van 's kinds grootouders. De aanbreng bestaat uit de helft in 8 geerzen 8 snees 10 roeden weiland gemeen met Aerjen Grootsant c.s. te Schoorl, in de Vuyle Greb onder Oudkarspel, belend ten zuiden Aris Pietersz Rus, ten noorden Pieter Jansen Rus als bruiker, 10 snees zaadland op Luymoort, belend ten noorden Jan Cornelisz Nieudorp, ten zuiden Arent Cornelis, en 5 snees grasland in 't Del achter de huizen van het Noordend, belend ten westen en noorden Vroonlanden van de Grafelijkheid.
To
generation
5-10